home over kunst over kunstenaars besprekingen info/contact


DE ONTDEKKING VAN HET WIEL (1)


Eindelijk is het zover: Betje* kan rijden op de loopfiets! Eigenlijk moet ik zeggen: met de bulldozers, want haar ‘loopfiets’ is een plastic bulldozer, gerfd van grote broer. Zelf heeft ze van een tante een mooie houten loopfiets gekregen, die we voor binnen reserveren. Maar die is niet zo stabiel, zodat ze die voorlopig vaak wanhopig wenend omgevallen laat liggen.

Maar buiten op de bulldozer gaat het des te vlotter. Al had het heel wat spaken in het wiel voor het zover was. In het begin was het zoals bij de eerste pogingen tot kruipen: de inspanning om vooruit te komen leverde alleen maar achteruitgang op. Dat vond ze ook wel leuk, maar het was niet je dat. Daarom zette ik haar af en toe op een helling bergafwaarts, zodat ze bijna vanzelf vooruit ging. En plots had ze de truc door. Eerst ging het stapvoets, maar weldra duwde ze zich met beide benen tegelijk vooruit. Na een poos lukt het haar ook bergopwaarts.

Maar het bleef bij korte afstandjes. Om haar belangstelling voor de loopfiets gaande te houden, liet ik haar steentjes verzamelen in de laadbak onder de zit. Als ze dan op de straat fietste, moest ze naar de kant om nieuwe voorraad te halen. Ze had dan een motief om ergens heen te gaan, zodat ze steeds langere tijd doorbracht op de loopfiets. Het transport van keitjes werd aangevuld door dat van modder en water, wat pas echt leuk was.

En op de duur was het zo ver: ze begon plots grote afstanden af te leggen uit pure vreugde van het te kunnen. Ze kraaide van plezier, net als een kind dat pas het lopen onder de knie heeft. Op een keer kreeg ze gezelschap van haar broer, die achter haar aan kwam op een andere loopfiets. Als hij haar had ingehaald, reden ze met zijn tween verder de straat af. Wat een triomf: eindelijk op gelijke voet met de broer! Niet langer vanuit het zitje op vaders fiets moeten toezien hoe grote broer daar heerlijk alleen voor haar uit fietste. Niet langer achter hem moeten aanhollen als hij uitdagend met de go-cart zijn kunnen demonstreerde! Nee: zij aan zij, op hetzelfde soort voertuig, met dezelfde bewegingen van de benen schuren over de straat midden in de open velden!

Nu nog het ‘sturen’ van de loopfiets onder de knie krijgen. In het begin stuurde ik af en toe wat bij door met de voet haar loopfiets de juiste richting uit te duwen. Maar weldra had ze door hoe je de loopfiets moet opheffen als hij blijft steken op hindernissen. En van daar naar het bijsturen als je de verkeerde richting uitgaat, was maar een stap. Betje paste vervolgens haar ‘stuurkunsten’ toe op het echte stuur van de driewieler, waar ze op rijdt als op een loopfiets - met haar voeten op de grond in plaats van op de pedalen. Alleen het ronde stuur van de go-cart, waarop we haar af en toe op moeten voortduwen, blijft nog Latijn voor haar.

Intussen is ze ook gefascineerd geraakt door wielen. Soms zit ze tijdens het rijden te kijken naar wat daar onder haar gebeurt. Alsof ze maar niet kan begrijpen dat iets vooruit kan gaan zonder benen te hebben! Als Joske zijn fiets neergooit of als er een fiets valt, is ze er als de kippen bij om aan het wiel te draaien en het gehele gebeuren grondig te bestuderen. Ook het wiel van de omgekeerde kruiwagen fascineert haar. En de wielen van auto’s die hier in de buurt staan geparkeerd - vooral dan hun schijfremmen - ontsnappen niet aan haar onderzoekende handjes.

Als ze nog wat gegroeid is, moeten we haar nog het trappen leren, zodat ook de driewieler binnen bereik komt. In afwachting van de derde grote fase in de verovering van het wiel: echt fietsen op twee wielen. Maar dat duurt nog wel even…

Stefan Beyst,augustus 2002

* 18 maanden







zoek op deze site

powered by FreeFind

Reacties: beyst.stefan@gmail.com


zie ook: stefan beyst over liefde: 'de extasen van eros'



Op de hoogte blijven van nieuwe teksten: mailinglist