|
BRIEVEN AAN JONGE MINNAARS (DEEL 1)
DEEL 2
DEEL 3
Liefste minnaars,
Als je verliefd bent, word je bevlogen door de mooiste dromen. Maar ook
bekruipt je de angst dat die zullen ontaarden in een nachtmerrie. Je
wilt je niet argeloos in de armen van een lief storten. Je bent op je
hoede en beducht op talrijke valstrikken. Hoe meer je nadenkt, hoe meer
er nieuwe vragen opduiken. Hoe lang kan verliefdheid duren? Op hoeveel
mensen kun je verliefd zijn? Word je altijd verliefd op iemand van het
andere geslacht? Van dezelfde leeftijd? Hoe belangrijk is vrijen? Hoe
vaak doe je het? Moet het doordeweeks of excentriek? Is een carrière
uitbouwen of geld verdienen verenigbaar met de liefde? Wil je je
eigenheid behouden? Of zul je volledig opgaan in je relatie en een
gemeenschappelijke persoonlijkheid ontwikkelen? Welke plaats ruim je
voor kinderen in? Dreigen ze niet de verliefde roes te verstoren? Of
zijn ze juist welkom als de verliefdheid over is? Is het goed af en toe
eens flink ruzie te maken? Zul je elkaar ontrouw gunnen? Welke plaats
zul je toekennen aan seksuele fantasieën? Hoe zul je tegenover elkaar
staan als de liefde, ondanks alle goede voornemens, toch de mist in
gaat?
Dat is slechts een greep uit de vele problemen waar je een oplossing
voor moet vinden. Een alleenzaligmakend antwoord bestaat niet. Alles
hangt af van de plaats die je aan de liefde in je leven wilt toekennen
en van het soort liefdesleven dat je wilt leiden. Er is een steeds
bredere waaier aan mogelijkheden waaruit je bij de uitbouw van je
liefdesleven vrij kunt kiezen.
In deze brieven wil ik niet de hele waaier ontvouwen. Ik richt mij tot
jonge minnaars die een leven lang verliefd willen blijven en aan deze
droom hun leven willen wijden. Misschien herinnert de lectuur van deze
brieven hen er aan dat er nog leven is buiten de liefde. Maar ik zal pas
gelukkig zijn als ik hen kan doen watertanden, ja reikhalzen naar al het
moois dat hen te beurt kan vallen... als ze maar trouw blijven aan de
god aan wie ze hun hart hebben verpand.
Veel leesgenot!
BRIEVEN OVER VRIJEN: EERSTE REEKS
Liefste minnaars,
Bij liefde denk je in de eerste plaats aan vrijen. Vrijen vindt zijn
hoogste uitdrukking in de coïtus. De coïtus culmineert zelf weer in het
orgasme, de hoogste en meest intense uitdrukking van liefde.
Uit deze lichtende kern straalt met afnemende intensiteit een
uitdeinende aura van liefdesuitingen. Lang voordat je opgaat in het
orgasme hoort je oor de beminde stem, aanschouwt je oog het mooie
lichaam, ruikt je neus de geliefde parfums, kust je mond de toegewijde
lippen en voelt je hand de vertrouwde huid. Je kunt dus altijd en overal
vrijen, niet alleen als je in elkaars armen ligt, maar ook als je ver
van elkaar verwijderd bent; niet alleen tijdens de coïtus, maar dag en
nacht; niet alleen met penis en vagina, maar met alle zintuigen.
OVER HET OOR
Liefste minnaars,
Om te vrijen hoef je niet in elkaars armen te liggen. Je hoeft elkaar
niet eens te zien. Ook als je lief onzichtbaar is, kan je oor zich
verlustigen aan de hoorbare verschijning. Vele geliefden putten er zelfs
een bijzonder genoegen uit. Zoals je je kunt verbergen om weer te
verschijnen, zo kun je ondergaan in de stilte om weer op te duiken als
hoorbare aanwezigheid. Je kunt het genot nog opdrijven door je
afwisselend aan elkaar te laten horen, alsof je elkaars echo wordt, of
door eenstemmig te versmelten als je samenzingt.
Er zijn duizenden varianten van dit spel met echo of versmelting. Het
allermooist verschijn je als je de naam van je lief uitspreekt. Je wordt
dan hoorbaar in de vraag om je lief te horen. Als antwoord laat je lief
zich horen in het uitspreken van jouw naam. Voor deze dialoog der
dialogen bedacht je, zoals alle geliefden sinds mensenheugenis, intieme
koosnaampjes. Die vloeiden ongevraagd over je lippen op momenten van de
hoogste tederheid. Je koestert ze vaak als een geheim dat niet bestemd
is voor vreemde oren. Er zijn nog meer leuke
dialoogjes: onophoudelijk herhaal je hoezeer je van elkaar houdt, hoe
mooi je elkaar vindt en hoe lief. Steeds opnieuw vloeien beloften over
je lippen en zweer je dure eden.
Ook lachen zorgt voor een aanstekelijke band. Je lacht van puur geluk
als je elkaar ziet; je lacht als je elkaar achternaholt, als je gek
doet, als je stuntelt, als je kietelt, als je minnespeelt met elkaar; je
lacht als je samen iets grappigs ziet of grappige herinneringen ophaalt.
Je geniet vooral van het lachen zelf: van het timbre, het ritme en het
patroon ervan en vooral van het feit dat je sàmen lacht.
Verliefden willen ook samen zingen of musiceren en muziek beluisteren.
Stukje bij beetje bouwen ze hun eigen muzikale wereld uit. Aan elk
stukje muziek hechten zich heerlijke herinneringen. Als je er samen naar
luistert, verdicht het de herinneringen tot oververzadigde
gelijktijdigheid.
In vergelijking met deze poëzie lijken de geluiden als je aan het werk
bent armzalig proza. Maar dat is slechts schijn: minnaars verdragen
elkaars afwezigheid niet meer. Als ze door hun bezigheden ruimtelijk
gescheiden zijn, voelen ze zich op deze geluiden gedragen als op
zorgende armen. Hoe weldadig klinkt niet het tikken op het klavier van
de computer, het snijden van het mes op de keukenplank, het geluid van
voetstappen, het schuifelen van kleren, het naderen van de auto of het
sluiten van een deur?
Des te storender zijn de geluiden van de luchtwegen: niezen en hoesten,
grommen en kuchen, snuiven en geeuwen, rochelen en snurken. Nog
afstotender lijken de wanklanken van de spijsvertering: de geluiden van
malende kiezen en het boeren, het slikken van de slokdarm, het rommelen
van maag en darmen, het klateren van de plas op vele soorten ondergrond
en als boeket van het hele vuurwerk: het rijke gamma winden. Dit hele
pandemonium wordt angstvallig verborgen voor vreemde oren. Geliefden
zijn echter verknocht aan elkaar tot in hun meest verborgen uithoeken,
zozeer, dat uitgerekend het betokkelen van deze
verstoten snaren de uitdrukking is van hun genegenheid en van opperste
onverborgenheid, van vertrouwdheid en volledige aanvaarding.
Omgaan met elkaars hoorbare verschijning doe je niet alleen als je
elkaar niet voelt of ziet. Ook als je dicht bij elkaar zit en elkaar
aankijkt, is het oor van de partij. Je keuvelt, praat over ditjes en
datjes, leest iets voor of fluistert wat in het oor. Je geniet daarbij
niet alleen van wat er gepreveld wordt, maar ook en vooral van de
klankkleur van de stem, van het eigen taaltje dat je spontaan
ontwikkelt.
Als je zo horend, kijkend en voelend naast elkaar zit, wil je ook
vrijen. Naarmate je opgaat in de coïtus, lijkt het gehoor uitgeschakeld.
Toch verstom je niet helemaal. Je zoent, je kirt, je mmm-t, je kreunt en
ook dat doe je samen of in echo. Ook tijdens de intensere fasen van het
vrijen voel je soms de onweerstaanbare aandrang elkaars koosnaam te
fluisteren. Zo dankbaar ben je dat je geniet en zo verwonderd dat dit
alles jou te beurt mag vallen. Hoe intenser je vrijt, hoe heviger je
begint te ademen, te zuchten, te hijgen, te kreunen, te krijten van
wellust. Je wordt een hoorbaar genietend wezen dat vraagt om nog meer
genot. Zo wordt het oor, dat aanvankelijk de ruimtelijk gescheiden
geliefden op afstand verbond, tot getuige van de uitdrukking van de lust
bij de intiemste versmelting.
Na de bevrediging ga je dicht tegen elkaar liggen. Je sluit de ogen, het
wordt donker om je heen. Je lichamen zijn verstrengeld, maar met je ziel
ga je weldra elk in je eigen dromen op. Als afscheid fluister je elkaar
nog wat liefs in het oor of je neuriet zachtjes een melodie. Pas als de
stilte van de nacht is neergedaald, verschijn je in je laatste hoorbare
gewaad: als vredig ademend lichaam.
Zo verbindt het oor de geliefden waar ze ook gaan: als hun lichamen zich
ver van elkaar verwijderen, als ze vrijend in elkaars lichaam opgaan of
als ze bij het inslapen hun lichaam roerloos in elkaars armen
achterlaten.
OVER HET OOG
Liefste minnaars,
Hoe belangrijk je verschijning voor het oor ook is, vooral voor het oog
loop je in de kijker. 'Verschijnen' lijkt synoniem met 'verschijnen voor
het oog'. Niet ten onrechte: niets is mooier dan een lichaam of een
aangezicht. Hun schoonheid is de vonk die de liefde doet ontvlammen.
Besteed dan ook alle aandacht aan je verschijning. Toon elkaar je
schoonheid om er elkaar mee op te winden. Hoe meer je opgewonden raakt,
hoe meer je je schoonheid onthult. Niet alles aan je lichaam is mooi,
zelfs het volmaaktste lichaam heeft gebreken. Maar de aandrang om je
voor elkaar te onthullen en elkaars ultieme naaktheid te aanschouwen,
kent geen grenzen. Het verliefde oog dringt door tot uithoeken waar nog
geen blik werd toegelaten.
De erotische blik vlindert niet rusteloos rond. Hij aanbidt wat hij
aanschouwt en gaat er in op, als wil hij er één mee worden. Al van
op afstand geniet je van het silhouet van het lichaam. Je oog begint de
aantrekkelijke onderdelen te isoleren. Je nadert elkaar, zoekt elkaars
blik en verzinkt in een roerloze oogkus. De ogen dwalen weg en vinden in
hun ontwijken de mond. De ontspannen lippen plooien zich in een haast
onmerkbare glimlach of stulpen vooruit tot een nauwelijks merkbare kus.
De blik glijdt over de zijkant van het gelaat, langs het profiel, langs
de spiralen van het oor, over de golven van het haar. Hij zwerft uit
over het landschap van het lichaam dat nu naakt voor je ligt. Telkens
andere glooiingen en telkens nieuwe vormen pogen hem te vangen: vingers,
handen, armen, schouders, oksels, borsten en tepels, buik en navel,
kutje en penis, rug en schouderbladen, billen, knieën, onderbenen,
enkels, voeten en tenen, alle onderdelen van het lichaam worden tot
oasen waar je bedwelmde oog voor eeuwig zou willen overnachten.
Fascinerend zijn niet alleen de vormen en de lijnen van al dat moois,
maar vooral de kleuren: de blos op wangen, borsten, buik, rug en billen
die afsteekt op de blanke of bruine huid, zeker als het blauw van de
aders oplicht; de vele schakeringen roze of bruin van tepeltop over
tepelhals naar tepelhof en de vele tinten paars tussen de randen van de
kleine lippen en de opening van de vagina. Adembenemend is ook het
kleurakkoord van de ogen, de lippen,de tanden, de haardos en de huid.
Je oog ziet niet alleen vormen en kleuren, maar ook gewaarwordingen: de
gespannen huid van opgewonden borsten, de hardheid van tepels in
erectie, de gladheid en warmte van doorbloede huid. Een voorspel op het
festijn van de aanraking.
Ook en vooral het gebaar van overgave waarmee het lichaam wordt
aangeboden is een verrukking: de wijd gespreide benen, de naar boven
gestrekte armen, het naar achter gebogen hoofd, de vooruitgestoken borsten.
Toppunt van erotische lust is het bekijken van de blaadjes en het hart
van het kutje. Vooral als de vrouw als een dier haar kleinood aanbiedt,
is dit schouwspel onweerstaanbaar. Geen minnares mag het haar minnaar
onthouden. Ze zal ervan genieten als ze zich zo tot op de bodem
ontbloot. En geen minnaar mag zijn minnares de aanblik onthouden van
zijn trotse orgaan: hoe het bloeddoorlopen, met gezwollen aders en
bekroond met een tot het uiterste gespannen, glanzende eikel de hoogte
in torent.
Op de duur is het oog zat. Het geeft zich over en laat zich verzadigd
verzinken in de blik van de ander. Als de lippen zich ontmoeten in een
kus, valt het uiteindelijk moe toe. Daarmee verdwijnt de wereld van het
verleidelijke omhulsel dat je hebt afgetast met je blikken. Je duikt
onder in de blinde wereld waar voor je hongerige handen het tastbare
lichaam voelbaar wordt.
Maar de schoonheid van het zichtbare oppervlak blijft lokken. Je keert
op je passen terug om nog even te verwijlen in het mooie landschap dat
zich voor je oog ontvouwde. En in die zichtbare wereld word je weer
aangezogen door de blik. Halfgeloken zijn de ogen nu: het lijkt alsof ze
zich verzetten tegen de kracht die hen wil sluiten, het hunkeren van de
tastende huid die alleen wil voelen. Ook de mond is nu halfgeopend:
achter de warm doorbloede, kusgrage, rode lippen rijen zich de witte
tanden rond een diepe zwarte leegte, als een soort derde pupil. Het oog
kan almaar moeilijker weerstaan aan zijn uiteindelijke ondergang: het
draait weg en verdwijnt achter oogleden die nooit meer open dreigen te
gaan. Je bent nu lichaam geworden, lustervaring in de huid. Als het oog
toch nog oplicht, lijkt het op dat van een slaper die even opkijkt en
zich afvraagt waar hij zich bevindt. Het wil niets meer zien en zal pas
na het orgasme weer opengaan, dankbaar en ongelovig om wat zich in de
tussentijd afspeelde.
OVER DE HUID
Liefste minnaars,
Door de poorten van elkaars blik daal je neer in de duistere wereld
waarin je blind naar elkaars lichaam tast, om uiteindelijk in elkaar te
dringen.
Dat kan tumultueus, stormachtig en onstuimig. Je achtervolgt elkaar. Je
loopt weg opdat je lief je zou vangen of je jaagt je lief op om haar te
achtervolgen. Als je elkaar te pakken krijgt, grijp je elkaar vast en
ontworstelt je aan elkaars greep. Je spelevecht en vloert elkaar. Je
rollebolt wild over de grond en omknelt of wurgt elkaar. Je rukt elkaar
de kleren van het lijf en slingert ze wild in het rond. Je heft je lief
ten hemel boven je uit. Of je gooit haar op de grond en bespringt haar
als een tijger zijn prooi. Tot je elkaar hevig omarmt en onstuimig
begint te vrijen.
Het kan ook bedaarder, zachtaardiger en liever. Je omhelst elkaar teder
en vlijt je zachtjes neer op bed. Behoedzaam doe je elkaars kleren uit,
één voor één. Naarmate je naakter naast elkaar ligt, verfijn je het
spectrum van de aanraking. Je begint met de volle hand. Ze welft zich om
elke ronding en vleit zich in elke holte. Je wilt ook strelen met de
palm, de rug of de muis van je hand. Alle gevoelige huid wil deelnemen
aan het feest. Heerlijk is het als je met je onderarmen de tepels
streelt, met je handpalmen de hals of de wangen en met je vingertoppen
de oorschelpen of de haarlokken. Streel hem overal met je borsten, bij
voorkeur over de gevoeligste delen van de penis. Streel haar overal met
de borstharen waartussen je harde tepels oprijzen. Streel hem met je
venusheuvel en met de lippen van je kutje. Streel haar met de onderkant
van je penis en je klootjes over borsten en tepels, of over de welving
van de buik. Streel elkaar, tepel op tepel. Geef elkaar voetjes of
beweeg zachtjes met de welving of de holte van de voet over de gevoelige
delen van elkaars lichaam, zoals een baby die met zijn zooltjes in
moeders buik kneedt.
Haast onmerkbaar gaan de vingertoppen over tot nauwelijks voelbare
aanrakingen. Ze beroeren de haartopjes op elke plaats van het lichaam.
Dat loont vooral bij de haren van het kutje, die opgewonden rechtop gaan
staan en in twee helften uitdeinen langsheen de geurige vagina, of bij
de haren op de klootzakjes die hard worden en behaaglijk beginnen te
rollen. Opwindend is ook de lichte aanraking van de zijwanden van de
vingers en de vingertoppen, van de zijkanten van de pols, van de
oorschelpen en de oorlelletjes, van de vele rondingen rond knie en
enkels, van de ruggengraat en het kontje, van de lies en de binnenkant
van dijen. Heerlijk is ook je hete adem. Als je de geuren van het kutje
opsnuift, adem je warmte uit door het bosje. Dat verspreidt de weldoende
parfums, die je weer gretiger opsnuift en uitademt. Nog subtieler is de
stralingswarmte. Je zweeft met je handpalm over de rondingen van het
lichaam, zonder iets aan te raken. Jouw warmte doorstraalt de huid van
je lief en die van je lief de huid van jouw handen! Verrukkelijk is ook
de streling van zon en wind om je naakte lichaam.
Het kan ook onstuimiger. Kneed, duw en klauw in de dijen, de schouders,
de kruin van de schedel, het voorhoofd, het nekvel, de huid tussen de
schouderbladen, de knieën, de kuiten, de hielen, de voetzool, de
teelbalzak en de vrouwelijke organen van venusheuvel tot grote lippen.
Vooral de borsten genieten hiervan. Voer de druk op en bewerk met je
vingertoppen de tepels, tot ze lange, harde staafjes worden. Krab en
knijp met de vingernagels en grif met gespreide vingers in het vlees van
de billen. Klets met de vlakke hand op de dijen, klem je handen in een
wurggreep om de keel of versmacht het tors in de tang van je armen.
Laat zien dat je gestreeld wilt worden door je te rekken en te strekken.
Zo wordt je huid prikkelbaarder en ontvankelijker. Reik je borsten aan,
krom je rug wellustig, spreid je benen open, steek als een dier je
billen achteruit tegen warme lendenen of in klauwende handen. Span de
borsten op door de huid tussen de schouderbladen bijeen te trekken. Hef
je onderlichaam op, zodat je van voren én van achteren gestreeld kunt
worden. Of laat je lichaam ergens in zijn volle lengte aan hangen: je
bent dan overal bereikbaar. Verzet tegen aanraking is onmogelijk en dat
maakt de strelingen onweerstaanbaar.
Bij dit spel van de tastzin wordt het geliefde lichaam gladde, glijdende
oppervlakte, zwellende omvang, gloeiende warmte, stralende hitte of
gespannen hardheid. Tegenstellingen drijven het genot nog op. Borsten
voelen zachter aan als je tegelijkertijd de huid er
rond laat bewegen over de harde ribben. Ook billen lijken malser als je
ze masseert over de knoken van het bekken en het staartbeen. Eenzelfde
tegenstelling voel je binnen in je handpalm als je armen, kuiten en
dijen, schouders, knieën of enkels streelt of kneedt, maar vooral als je
handen, polsen en voeten omvat. Alleropwindenst is de tegenstelling
tussen zachte borsten en harde tepelstaafjes als je met de vingertoppen
de borst kneedt, terwijl de harde tepel nauwelijks merkbaar je handpalm
of je pols raakt. Er is ten slotte de tegenstelling tussen beweeglijke
en meegevende huid en het harde onbeweeglijke gebeente.
Steeds dringender verlang je naar de volgende fase van het vrijen. Het
hele verfijnde gamma huidcontact verengt zich dan tot omklemmen,
opheffen of grijpen en de drang om binnen te dringen wordt onstuitbaar.
Na de storm ga je bewegingsloos liggen, roerloos tegen elkaar gedrukt.
Hooguit streel je nog eens nagenietend met een vermoeide beweging het
mooie lichaam, als wil je de herinnering doen heropleven. Tot je
uiteindelijk opstaat en elkaar lost en loslaat. Al kunnen de handen, die
nu bezig de wereld te lijf gaan, het niet nalaten af en toe hun lief aan
te raken met zachte klopjes of lieve kletsjes, venijniger kneepjes of
plotse omarmingen. Zo ondraaglijk is hun de afwezigheid van hun geliefde
lijf!
OVER DE NEUS
Liefste minnaars,
Je bent nu heel dicht bij elkaar. Onverhoeds ben je binnengedrongen in
de wolk van geuren om het lijf van je lief. Die rook je al op de
achtergrond, maar nu geniet je er bewust van. Laat ze passief op je
afkomen of snuif ze actief in volle teugen op: geef elkaar als wulpse
dieren een snuffelkus.
Je lichaam scheidt op vele plaatsen telkens andere geuren af. Je
hoofdhuid, je haren, je huid, je oksels, je borsten, je voeten, je anus:
alle hebben hun eigen parfums. Vooral het kutje en de penis verspreiden
de heerlijkste aroma's. Na het orgasme vermengen ze zich met dat van het
sperma tot een overheerlijk mengsel, dat bedwelmend van onder de lakens
opstijgt.
Deze aromaten zijn strikt persoonlijk. Je hecht je eraan en raakt eraan
verknocht. Hoe vertrouwder ze worden, hoe weerzinwekkender je de parfums
uit soortgelijke bronnen van vreemden vindt. Op de geuren van je lief
word je hoe langer hoe meer verslingerd. Zelfs op die van voeten,
windjes, uitwerpselen of urine. Zo verslaafd word je, dat je ze zou
willen vangen in je handpalmen, als waren het kostbare vlinders. Je zou
ze altijd bij je willen dragen. Je koestert de geur van het sperma die
in het kutje blijft hangen of de vaginageur die aan de penis kleeft.
Ruik je tijdens het voorspel aan het kutje of lik je eraan, dan hecht de
geur zich aan je neus of aan je snor of baard. Hij blijft je dan
gedurende het gehele samenspel opwinden! Ook als je het kutje vingert,
blijft het heerlijke parfum om je vingers dwalen. Een welkome nalust,
vooral als tijdens het werk achteraf plots die een heerlijke geur weer
opwaait of als je stiekem aan je vingers ruikt. De geuren blijven ook
rondwaren in het beddengoed: van onder de lakens stijgen de heerlijkste
aroma's op van oksels, van huid, van pas beslapen kutje. Waaier ze met
de lakens naar je toe. Geuren hechten zich ook aan kledingstukken. Die
kun je meenemen om de geur bij je te houden: sjaals of en ondergoed zijn
daar erg geschikt voor.
Dat je zo verslaafd raakt aan de parfums van je lief heeft een
heimelijke zin: geuren zijn de echte sleutels tot de seksuele opwinding.
Diep in je binnenste ontsluiten ze alle grendels van de begeerte. Je
hele lichaam begint naar overgave te hunkeren.
Spring er dus omzichtig mee om, koester ze met zorg. Ga ze niet te lijf
met overvloedige wasbeurten en bijtende zepen. Verwijder hinderlijke
zweetgeur en vuil af en toe met water, liefst een paar uur voor je
vrijt: dan krijgt je lichaam de tijd om zich in nieuwe parfums te
hullen. Verdrijf het subtiele aura van je eigen geur ook niet onder de
opdringerige wolken van een vreemd parfum. Helemaal uit den boze zijn
ontgeurders: die breken de magie en verwekken een aseptische
afstandelijkheid.
LIPPEN, TONG EN GEHEMELTE
Liefste minnaars,
Je bent nu heel dicht bij elkaar, huid aan huid, gehuld in een wolk van
geuren. Deze opperste nabijheid wordt voltooid als je in elkaar
binnendringt. In afwachting wil je mond worden en als mond een tong
omvatten.
De lippen vinden elkaar, maar aarzelen nog om zich te openen. Ze willen
eerst nog zoenend, likkend en zuigend alle rondingen en holtes van het
lichaam bezoeken. Daar wordt ook de tong begerig van: ze dringt in de
oorschelp, in de navel of de neusgaten, in de anus of het kutje. Is ze
eenmaal op dreef, dan weet ze van geen ophouden meer. Wellustig likt ze
tepels en borsten, armen en benen, oksels en enkels, vingers en tenen,
voetzolen en knieën, nek en hals. Uiteindelijk vinden de monden elkaar.
Met de tong die naar buiten dringt, dring je binnen in een mond die
opneemt. In de vochtige holte ontmoeten de tongen elkaar. Ze raken
elkaar met de punt, vleien zich tegen elkaars flanken aan, likken
elkaars rug en buik en zuigen zich vast aan elkaar.
Vroeg of laat richt je zuigbehoefte zich op de tepels, alsof je weer
zuigeling wordt. Je verengt tot pure gewaarwording in de mondholte en
dreigt onder te gaan in een roes. Maar als de tepels geprikkeld worden,
gaat er een krachtige stroom naar de geslachtsorganen, zowel bij de man
als bij de vrouw, en die roept je weer tot de orde.
Je kunt dat nog afremmen door te sabbelen aan oorlelletjes, neus, kin,
vingers of tenen. Al dit gezuig slaat soms om in een woeste bijtdrift:
met een heftige hap plant je je tanden in borsten of dijen, in de buik
of in de huidplooien op de rug. Of je begint te knabbelen aan een
oorlel. Alsof het roofdier in jou is ontwaakt. Met een snelle ruk slaat
je lief het hoofd achterover. Boven haar beide borsten biedt ze haar
blote hals aan. Je zou de keel wel over willen bijten en je klauwen in
haar dijen planten!
De zuigeling hoeft niet steeds het roofdier te wekken. Vaker wekt de
zuiglust het begeren van de smaak. Verliefde tongen proeven graag
elkaars speeksel. Als zuigeling putte je uit de tepel niet alleen
erotisch genot, je kreeg er nog lekkere melk bovenop. Dit dubbele
genoegen kan je herbeleven door de mond tot borst te promoveren. Dat doe
je al als je elkaars speeksel drinkt. Maar je kunt de mond ook met drank
vullen en die opzuigen. Om het zuiggenot nog op te drijven, sluit je de
lippen. Je lief moet dan harder zuigen: als uit een echte borst spuit de
drank met straaltjes uit de mond. Met wijn, likeur of champagne werkt
dat bedwelmend. Je kunt elkaar ook eten geven of eten doorspuwen. Je
kunt het gehele lichaam tot borst of bord of tafel maken door het te
overgieten met drank, slagroom of ijs. Sommigen promoveren de vagina tot
mond en slurpen er druiven of eieren uit. En waarom geen oesters?
Zo zetten de geneugten van de mond je van het ene zijspoor op het
andere. Maar de activiteit van tong en lippen en de prikkeling van de
tepels wekt de begeerte in de geslachtsorganen.
OVER DE OERZINTUIGEN
Liefste minnaars,
Geslachtsorganen zijn zintuigen als alle andere. Van hun vijf zusters
verschillen ze maar in één opzicht: hun enig doel is het ervaren van
lust! Alle andere zintuigen vervullen ook profane opdrachten. Ze moeten
zich daar eerst uit losmaken voor ze lustgevoelig worden. De
geslachtsorganen daarentegen zijn oerzintuigen: ze kennen alleen maar
lustervaringen. Genieten ze niet, dan slapen ze.
Na al het kijken, strelen en kussen willen ze eindelijk aan hun trekken
komen. Maar het loont om de spanning wat op te drijven. Maak eerst het
poortje vrij met de hand. Raak de haartjes lichtjes aan tot ze rechtop
staan en strijk dan met de vinger doorheen de dreef langs de vochtige
lipjes. Die gaan dan opstaan alsof ze beginnen te bloeien. Streel met de
vinger van de vaginaopening naar de clitoris. Beroer met de neus heel
lichtjes de grote en kleine lipjes en snuif de geuren op. Zoen bij het
ruiken zacht de lipjes. Lik ze behoedzaam met de tong, tot alles zich
begint te roeren, daar van binnen.
Je kunt je lief dan van achteren nemen, terwijl ze voor je neerhurkt als
een dier dat je in het nekvel grijpt. Je kunt zelf van onderen gaan
liggen en opkijken hoe je lief triomferend over je heen knielt. Maar
niet voor niets neigt vaker de man zich over de vrouw die zich onder hem
openspreidt en lichtjes de benen optilt. Hij wrijft met de gevoelige
onderkant van zijn eikel over haar lipjes. Zij beweegt haar bekken
zachtjes op en neer. Steeds liefdevoller nestelt het kopje van de penis
zich tussen de lipjes. Wulpse bekkenbewegingen sturen het
onweerstaanbaar naar de heerlijkste der openingen. Tot het er zich niet
meer van kan weerhouden om naar binnen te dringen in de vagina die de
eikel begerig opzuigt. Overweldigd door het genot sluiten de geliefden
de ogen. Alle zintuigen worden uitgeschakeld. Behoedzaam, alsof hij
terugdeinst voor de hevigheid van de prikkeling, dringt de penis met
zachte stootjes, traag, maar met aandrang, door de gespannen opening,
naar de diepste diepten van de vaginaholte. Steeds heviger omklemt de
vochtige, gezwollen vaginamond de gespannen penis.
Even herademend openen de minnaars de ogen. Hij kijkt neer op het mooie
lichaam onder hem. Zij ziet zijn opgerichte tors boven haar uit oprijzen
- wie weet: tegen de achtergrond van een blauwe hemel. Hij knelt haar
lichaam stevig tegen zich aan zodat zijn bekkenbodem krachtig tegen haar
venusheuvel drukt en tegen haar grote en kleine lippen. Het lichaam
onder hem kronkelt van genot en kreunt van wellust.
Overweldigd door de almaar sterker wordende lust draaien hun ogen weg.
De penis zwelt tot barstens toe en het zaad begint te stuwen en te
dringen. De vaginaholte zet steeds meer uit en de vaginamond omklemt
steeds heviger de penis. Dat voelt als een soort straling in zijn penis,
die daardoor nog stijver wordt, zodat haar vagina nog meer uitzet en
omspant.
Schuif de explosie nog wat voor je uit. Drijf het gevoel tot nog groter
hoogten op. Tot je loslaat. Met hevige bekkenstoten ram je in elkaar of
je blijft integendeel bewegingloos wachten tot penis en vagina elkaar
vanzelf over de drempel halen. En dan komt het. Met krachtige stoten
spuit de penis zijn sperma. Op hetzelfde ritme omsnoert de vaginamond
hem steeds heviger aan de basis terwijl de begerige baarmoedermond zich
vooruitstulpt als wou hij het zaad opslurpen.
Na de coïtus storten de tot het uiterste gespannen lichamen in elkaar.
Je neemt een comfortabeler houding aan, zonder dat penis en vagina uit
hun omarming worden losgerukt. De vaginamond blijft de penis omklemmen
als wou hij zijn weldoener nooit meer loslaten. De eikel blijft de
baarmoedermond kussen en ervaart daarbij een heerlijke nalust. Nog lang
nadien blijft de baarmoeder nagenietend samentrekken terwijl zij begerig
het sperma opzuigt.
De coïtus heeft je afgemat. Je hijgt en je hart bonst. Je lost de
omstrengeling en omarmt elkaar nu gemoedelijker. Je zoekt elkaars gelaat
en ogen op: die glanzen nu diep en stralen van dankbaarheid en geluk. Je
snuift de heerlijke geuren die nu in alle sterkte om het lichaam heen
cirkelen.
Als je uiteindelijk weer opstaat en je werk hervat, doe je dat met
vernieuwd enthousiasme. Vol toewijding bevredig je elkaar en de
kinderen. En ook dan nog blijf je met alle zintuigen genietend met
elkaar verbonden.
©
Stefan
Beyst,
1997-98

reacties:
beyst.stefan@gmail.com
stefan beyst
is ook de auteur van:
de extasen van eros
BRIEVEN OVER DE ECONOMISCHE COÏTUS
Liefste minnaars,
De volksmond beweert dat liefde door de maag gaat. Daar schuilt een kern
van waarheid in. Liefde druk je niet alleen uit door te vrijen. Je wilt
elkaar op alle andere vlakken bevredigen en elkaars zorgen verdrijven:
je bent bekommerd om elkaars algehele welzijn. Ook daardoor toon je
wederzijdse genegenheid. De seksuele coïtus heeft dus de 'economische
coïtus' als tegenhanger: de wederzijdse bevrediging die je uit liefde
schenkt. Gaandeweg zal duidelijk worden dat de economisch coïtus nog
belangrijker is dan de seksuele. Hij is de koninklijke laan naar de ware
liefde en één van haar verzwegen geheimen.
OVER DE ECONOMISCHE COITUS
Liefste minnaars,
Wie liefheeft, wil in alle opzichten bevredigen. Je besterft het als je
lief iets te kort komt of gebukt gaat onder zorgen. Je bent de hele dag
druk doende om te werken voor elkaar en elkaars zorgen te verdrijven. Na
afloop geniet je samen van de weergekeerde rust en van al het heerlijks
dat je elkaar schonk. Je geniet niet alleen van de bevrediging, maar
vooral van de liefde die zich daarin uitdrukt. Is het niet heerlijk om
te wonen in een huis dat door je lief werd verbouwd of gebouwd? Om aan
te zitten aan de tafel die door je lief werd gedekt en om er de maaltijd
te eten die door je lief werd bereid? Om je te bewegen in een interieur
dat door je lief werd ingericht en opgeruimd? Om blindelings het linnen
te nemen uit de kast waarin je lief het netjes heeft opgestapeld? Om
naar hartenlust te putten uit de koelkast die gevuld werd door je lief?
En is het niet nog fantastischer om zelf voor je lief dat huis te bouwen
of te verbouwen, die tafel te dekken en dat eten te bereiden, dat
interieur in te richten en op te ruimen, die kleerkast te schikken of
die koelkast te vullen?
Doe dus al je werk in het teken van de liefde. Schenk het als teken van
liefde en aanvaard het als teken van liefde. Herleid het niet tot een
middel om je behoeften te bevredigen. Je lief zal straks aan de vruchten
van je werk de toewijding proeven waarmee het is verricht. Zo krijgt
alles wat je doet een zekere wijding. Dat geldt niet alleen voor wat
dadelijk wordt verbruikt, zoals het eten dat je elke dag kookt. Ook
verwezenlijkingen voor de lange termijn zijn tekens van liefde: het huis
dat je hebt gebouwd, de tuin die je hebt aangelegd, het interieur dat je
hebt ingericht. Nog jaren later zul je je herinneren hoe alles werd
aangelegd, waar de ruïnes stonden die gesloopt moesten worden, welke
rotzooi er moest opgeruimd worden, hoe je moest zwoegen in de bijtende
kou of in de drukkende hitte, hoe beetje bij beetje uit het puin de
omgeving groeide waarin je nu elkaar liefhebt.
Pas dan besef je dat liefde meer is dan vrijen alleen. Liefde is ook als
je blindelings kunt rondlopen in je zelfgeschapen omgeving, langs paden
die je al eeuwen had willen bewandelen. Liefde is ook als je kunt wonen
in je zelfontworpen ruimtes alsof je er in geworteld bent. Liefde is ook
als je je in en om je woning kunt bewegen als in een woud van
liefdessymbolen. Liefde is ook als je leefomgeving een soort tweede
lichaam is, waarin je het beste en het diepste van je wezen hebt
veruiterlijkt, zoals in een kind.
Pas dan besef je hoe verderfelijk het is huishoudelijk werk af te doen
als sleur en last, als dodelijk routine. Voor miljoenen is dat inderdaad
de trieste werkelijkheid: al sinds de oertijden worden seksuele liefde en
het huwelijk als economisch contract als tegenstellingen opgevat en in
grote delen van de wereld worden op deze basis nog steeds huwelijken
gesloten. De laatste twee millennia worden de gelederen almaar versterkt
van degenen die begrijpen dat seksuele en economische coïtus een
onverbrekelijke eenheid vormen. Ook hun liefde verloedert veelal tot een
puur economische band, hoe hartstochtelijk ze elkaar ook liefhadden en
hoezeer ze ooit met plezier voor elkaar werkten. Voor deze uitgeslotenen
of afvalligen der liefde is huishoudelijk werk geen uitdrukking van
liefde, maar plicht, een ondraaglijke last, een doem, waarvoor je niet
eens wordt betaald.
Maar dat mag voor geliefden geen aanleiding zijn om de liefde te
herleiden tot een puur seksuele verhouding, die je bij uitstek met
vreemden aangaat en al helemaal niet om huishoudelijk werk te ervaren
als een aanslag op de liefde. De liefde ontplooit zich pas ten volle als
de seksuele coïtus zijn verlengde vindt in de economische. Vrijen en
samenwerken vormen één ondeelbaar geheel: vrijen dient juist om de
economische samenwerking te schragen. Ze versterken elkaar: wie
economisch bevredigt, wil ook seksueel bevredigen, en wie seksueel
bevredigt wil ook economisch bevredigen. Wie kan na het vrijen zijn lief
behoeftig achterlaten? Stroom je na de coïtus niet over van
dankbaarheid, en betuig je die niet door je lief op alle overige
terreinen ter wille te zijn? En wil je niet, omgekeerd, een lekkere
maaltijd belonen met een warme omhelzing?
De tafel is niet te scheiden van het bed.
OVER DE VERHOUDING TUSSEN WERKEN VOOR GELD EN
WERKEN UIT LIEFDE
Liefste minnaars,
Er zijn twee soorten economische bevrediging. Er is de bevrediging door
huishoudelijk werk: dat is al het werk dat je onbetaald - uit liefde -
verricht voor je lief en voor je kinderen. Je krijgt er in ruil het werk
voor terug dat je lief je schenkt, eveneens uit liefde. Na afloop geniet
je samen van wat je samen hebt geproduceerd. Je geniet niet alleen van
de bevrediging zelf, maar ook van de liefde die zich erin uitdrukt.
Naast het huishoudelijke werk is er het beroep. In de oertijden was alle
werk huishoudelijk, zoals vandaag nog bij vele primitieve stammen.
Naarmate de handel en de industrie zich ontwikkelden, werden steeds meer
huishoudelijke taken overgenomen door beroepsmensen. In een modaal gezin
in het huidige Westen beperkt het huishoudelijk werk zich tot taken als
eten maken, het interieur inrichten en netjes houden, inkopen doen, de
was en de vaat, de tuin onderhouden en samen de kinderen voeden en
opvoeden. De rest wordt niet in het huishouden geproduceerd, maar
gekocht, en om iets te kunnen kopen, moet je eerst geld hebben en dus
werken.
Werken voor geld verschilt in vele opzichten van huishoudelijk werk. Bij
huishoudelijk werk is er sprake van een verhouding tussen twee personen:
jij werkt voor je lief en je lief werkt voor jou. Werken voor geld is
daarentegen een driehoeksverhouding: jij produceert iets dat vreemden -
niet je lief - zullen consumeren. In ruil daarvoor krijg je geen product
terug, maar geld. Met dat geld koop je producten bij andere producenten.
Je consumeert dus iets dat weer anderen - ook vreemden - voor jou hebben
geproduceerd. Daaruit volgt een tweede belangrijk verschil. Voor
vreemden werk je niet uit liefde, maar voor geld. Vreemden werken
evenmin uit liefde voor jou: je moet ze betalen voor hun werk. Hier is
geen sprake van economische coïtus, maar van naakte ruil, van
eigenbelang in plaats van liefde.
Dat heeft dramatische gevolgen. Werken voor geld berooft de liefde van
één van haar belangrijkste pijlers. Al blijf je je lief seksueel trouw,
economisch gezien ben je ontrouw: je bevredigt vreemden in plaats van je
lief en je wordt door vreemden bevredigd in plaats van door je lief. Je
liefde dreigt herleid te worden tot een puur seksuele verhouding. De
economische bevrediging als prikkel om te vrijen valt weg. Vrijen wordt
daardoor tot een zelfstandige autonome drang, uitgelokt door puur
seksuele verleiding. De waarheid is: hoe meer je voor elkaar werkt uit
liefde, hoe beter je die liefde kunt uitdrukken; hoe meer je voor
vreemden werkt, hoe dieper je de liefde ondergraaft.
Werken voor geld is een eerste hinderpaal voor de ontplooiing van de
liefde. En die hinderpaal is onoverkomelijk. De meerderheid van de
mensen zou niet kunnen overleven zonder het ingewikkeld netwerk van
gespecialiseerde producenten. De producten die zij maken zijn meestal
van betere kwaliteit en goedkoper dan huishoudelijke. Sommige producten
kun je niet eens zelf maken. De hindernis is niet te vermijden, maar je
kunt zelf bepalen hoe groot ze zal zijn. Offer zo weinig mogelijk op het
altaar van het gouden kalf - als je tenminste behoort tot het deel van
de wereldbevolking dat zich zo'n keuze kan veroorloven. Dan komt er meer
tijd vrij voor huishoudelijk werk.
Die keuze wordt makkelijker als je bedenkt dat werken voor geld en
huishoudelijk werk zich verhouden als het middel tot het doel. Geld
verdienen is een middel om jezelf, je lief en je kinderen te
onderhouden. Velen weten dat, en ze ervaren werken voor geld als een
noodzakelijk kwaad. Voor anderen lijkt het een doel op zich. Het kan
immers zeer prettig zijn: hoe belangrijker de bevrediging, hoe meer
dank, ja zelfs liefde je terugkrijgt. En die liefde krijg je niet van
één individu, maar van vele mensen: denk aan de patiënten van bekwame
dokters, aan de leerlingen van goede leraars, aan de bewonderaars van
kunstenaars, aan de volgelingen van charismatische leiders. In de tweede
plaats zijn de vereiste capaciteiten des te groter naarmate de
concurrentie scherper is. Voor een huisvrouw of huisman volstaan voor de
hand liggende vaardigheden. Maar om chirurg te worden, president,
wielrenner, kunstenaar of computerspecialist, moet je over
uitzonderlijke vermogens beschikken. Wie die bezit, kan ze pas ten volle
ontplooien door te werken voor derden. Hoe meer die talenten tot
ontwikkeling komen, hoe groter het aantal consumenten of het publiek dat
ze bewondert. Het prestige dat je in de maatschappij geniet, kan dus
veel groter zijn dan in het gezin. Wie inhoudelijk onbevredigend werk
doet, kan toch nog prestige winnen doordat hij veel geld verdient, zijn
rijkdom tentoonspreidt en overmatig consumeert.
Om al deze redenen kan werken voor derden zo aangenaam zijn dat je het
niet kunt laten en er met hart en ziel in opgaat. Het middel is doel
geworden. Geld verdienen voor het gezin wordt synoniem van rijk willen
worden, carrière maken, of jacht naar prestige. Niets belet je om
rijkdom, carrière of prestige te promoveren tot eerste levensdoel, maar
dan moet je navenant verzaken aan de liefde. Pas dan kun je je leven volledig
wijden aan je eigen ontplooiing, zonder je lief en je kinderen in de kou
te laten staan.
Je kunt het ook in een breder perspectief bekijken. De maatschappij als
geheel is een instrument, dat dient om de talloze gezinnen waarbinnen
het leven wordt gereproduceerd in leven te houden. De zin van het leven
is immers de voortzetting ervan, de continuïteit verzekeren doorheen de
generaties. Je bereikt dat doel rechtstreeks door een echtpaar te vormen
en het leven te schenken aan kinderen. Het kan ook onrechtstreeks door
als alleenstaande door het leven te gaan en je te wijden aan
maatschappelijke taken die uiteindelijk de gezinnen ten goede komen. Er
is dus plaats voor twee soorten mensen: mensen die zich wijden aan hun
lief en hun kinderen, en mensen die zich wijden aan hun consumenten of
het publiek.
Dat besef is vandaag helemaal zoek: van allen wordt verwacht dat ze én
verliefd worden, én kinderen krijgen én carrière maken. Van de modale
sterveling is dat te veel gevraagd. Kies dus doelbewust één
mogelijkheid. Je kunt niet tegelijk Eros en Caesar dienen.
Achtereenvolgens kan wel: je kunt eerst verliefd worden, een gezin
stichten, en pas jezelf ontplooien als de kinderen groot zijn. Het
omgekeerde kan ook, maar dat ligt minder voor de hand.
OVER HET STICHTEN VAN EEN NIEUWE ECONOMISCHE
EENHEID
Liefste minnaars,
Voor de seksuele coïtus ben je rijp als je vruchtbaar bent en mooi. Rijp
voor liefde ben je als je ook nog in staat bent tot de economische
coïtus.
Dat je daarvoor klaar bent, blijkt uit je verlangen onafhankelijk te
worden van je ouders. Voortaan wil je werken in het zweet van je eigen
aanschijn, in plaats van te leven op de kosten van je ouders. Je sticht
een nieuwe economische eenheid om te voorzien in de behoeften van je
lief en je kinderen. Dat betekent niet dat je door niemand verzorgd wilt
worden. Ook je lief maakt deel uit van de nieuwe economische eenheid.
Dat jij geeft, maakt dat je lief evenveel of nog meer wil geven, zodat
je beiden meer krijgt. Daarin verschilt de economische coïtus niet van
de seksuele, waarbij het ene orgasme het andere uitlokt.
Zolang er geen kinderen zijn, beperkt de economische coïtus zich tot
werken voor elkaar. Dat verandert als er kinderen komen, die je moet
voeden, kleden, maar vooral opvoeden. Wie rijp is voor de liefde schrikt
daar niet voor terug. Het is immers veel fijner te bevredigen dan
bevredigd te worden. Niets maakt gelukkiger dan in te staan voor het
welzijn van allen die je liefhebt.
Velen zien dat niet zitten. Ze willen liever kinderloos blijven. Ze
willen wel werken, maar alleen voor zichzelf of voor hun lief. Anderen
blijven liever afhankelijk van hun ouders. Ze kloppen er bij de
geringste moeilijkheden aan, of aanvaarden zonder schroom geld, huizen en
auto's. Anderen kiezen een lief om verzorgd te worden, zoals vroeger
door hun
ouders. Dat is het geval met de vrouw die haar schoonheid gebruikt als
lokmiddel om er een rijke man mee te strikken. Sommigen veinzen ziekte
om hun luiheid te verdoezelen. Ze misbruiken het medelijden van hun lief
om zelf niets te moeten doen. Anderen trachten vreemden voor hun kar te
spannen, bij gebrek aan een lief of aan ouders die ze kunnen melken. Ze
zoeken achterpoortjes om misbruik te maken van de ziekenkas of van de
werklozensteun, ten nadele van wie er recht op heeft.
Er zijn er ook die bang zijn de onafhankelijkheid te verliezen die ze
veroverd hebben op
hun ouders. Pas bevrijd uit de banden van het gezin
willen ze zich niet schikken in een nieuwe economische eenheid. Ze
willen hun eigen baas blijven en alleen in de eigen behoeften voorzien.
Ze willen alles doen en laten zoals het hun uitkomt. Samenleven staat
voor hen gelijk met verlies van vrijheid. De economische coïtus is voor
hen een dubbele bedreiging: hij maakt hen afhankelijk van de bevrediging
door hun lief en verplicht hen er toe hun lief te bevredigen. Het zijn
de mannelijke of vrouwelijke celibataire carrièremakers. Ze hebben niet
in de gaten dat ze zich buigen onder een dwingender juk: dat van hun
publiek, hun consumenten en hun bazen.
Geen van deze wegen wordt door geliefden bewandeld. Zij streven geen
individuele doelen na, maar worden de twee helften van een paar. Ze gaan
op in een nieuw organisme, dat de twee afzonderlijke individuen
overstijgt en opheft. Hun gemeenschappelijke doel is het welzijn van het
paar en van de kinderen. Voor geen goud van de wereld zouden ze zich van
elkaar willen bevrijden: hun vrijheid vinden ze pas als niets meer hen
belet zich volledig te geven aan elkaar.
OVER DE VERDELING VAN HET WERK
Liefste minnaars,
Om samen te werken moet je het eens worden over de levensstijl. In welk
soort huis wil je wonen? Hoe wil je je interieur inrichten? Hoe wil je
je kleden? Op welke voet wil je leven? Wil je kinderen en hoeveel?
Om het leven te leiden dat je hebt uitgestippeld, heb je producten
nodig. Een aantal daarvan kun je niet zelf produceren: je moet werken om
ze te kunnen kopen. Maar de harde werkelijkheid is: je vindt niet altijd
werk of het is niet altijd zinnig werk of werk dat je graag doet. Je
krijgt af te rekenen met concurrenten, je hebt meer of minder aanleg dan
anderen, je komt niet steeds terecht op de plaats die je toekomt en je
verdient niet steeds naar verdienste of inspanning.
Dat heeft gevolgen voor jullie verhouding. Misschien vind je geen werk
of verdien je minder dan je lief. Je bent dan afhankelijk en dat kan
jullie verhouding vertroebelen. Misschien verdien je beiden weinig. Dan
zul je de lat wat lager moeten leggen. Verbetert je positie, dan kun je
wat hoger mikken.
Hou bij het bepalen van je economische doelen rekening met de
tegenstelling tussen huishoudelijk werk en werken voor geld. Het laatste
vreet immers de liefde aan. Daar staat tegenover dat het productiever is
en vaak van hogere kwaliteit. Streef het juiste evenwicht na tussen
voldoende huishoudelijk werk en een zo hoog mogelijke levensstandaard.
Je bereikt dat evenwicht als je de meest bevredigende taken voorbehoudt
aan het huishouden. Dat zijn in de regel de eindstadia in de productie.
Denk aan activiteiten als eten klaarmaken, een huis inrichten enzovoort.
Aan die eindstadia gaat heel wat voorbereidend werk door beroepsmensen
vooraf: denk maar aan de productie van voedsel, grondstoffen,
elektriciteit, meubelen, bouwmaterialen enzovoort. Dergelijke voorstadia
van de huishoudelijke productie laat je bij voorkeur door vreemden
verrichten. Andere taken mag je onder geen beding afstaan. Ongetwijfeld
kun je een gigolo betalen om met je vrouw te slapen of een call-girl
bestellen voor een nummertje met je man. Je zou veel tijd uitsparen en
die kunnen besteden aan nog meer werken voor geld. Even onzinnig is het
een Thaise kindermeid in huis te halen om verhaaltjes te vertellen aan
je kinderen of om met hen te spelen. Denk ook tweemaal na voor je de
kinderen afstaat aan onthaalmoeders of kindercrèches. En niet omdat er
scholen bestaan moet je je ontslagen voelen van de plicht om je kinderen
op te voeden en te onderrichten. Ook heel wat prozaïscher huishoudelijke
taken besteed je niet zomaar uit aan schoonmaaksters, kokkinnen of
tuinmannen. Je geeft dan belangrijke onderdelen van de economische
coïtus uit handen en verliest een belangrijk middel om je liefde te
uiten. Het huis is vaak netter als je een schoonmaakster op de rommel
loslaat en het eten smaakt lekkerder in een restaurant. Maar de essentie
ontbreekt. Schoonmaaksters en koks doen het immers altijd, zoals hoeren,
alleen voor het geld, niet uit liefde.
Hoe verdeel je al dit werk billijk onder elkaar. Hoe verdeel je, om te
beginnen, het huishoudelijke werk? Ook hier zijn er taken die je nooit
mag overlaten aan elkaar: alles wat behoort tot de essentie van het
leven. Zowel jij als je lief moeten spelen met de kinderen en ze
geregeld knuffelen. Zowel jij als je lief moeten verhaaltjes vertellen
en je kinderen te slapen leggen. Zowel jij als je lief moeten de
kinderen wassen en mee in bad nemen. Zowel jij als je lief moeten samen
met de kinderen eten, hun boterhammetjes smeren, hun drankjes
inschenken. Zowel jij als je lief moeten met de kinderen over hun
probleempjes praten en hen over hun angsten heen helpen. Zowel jij als
je lief moeten hun leren hoe het er in de wereld aan toe gaat en welke
rol zij erin kunnen spelen. Je kunt en mag je als vader of als moeder
daar niet aan onttrekken.
Andere taken verdeel je best onder elkaar. Daartoe behoren in de eerste
plaats de geslachtsgebonden taken. Een vrouw kan de borstvoeding niet
afstaan aan haar man en al kan ook een vader kokerellen, het maakt toch
verschil of je eten krijgt van een vader of van een moeder. Daarnaast
zijn er klussen die niet geslachtsgebonden zijn. Afhankelijk van de
talenten en de omstandigheden hou jij je bezig met schoonmaken en je
lief met inkopen doen, jij met de tuin en je lief met kleren kopen, jij
met de was en je lief met de vaat, jij met de ruwbouw en je lief met de
afwerking. De kwaliteit en de kwantiteit van wat je samen produceert
nemen dan toe, of je produceert hetzelfde op minder tijd. Dat is het
voordeel van elke werkverdeling.
Leg je dus elk toe op de dingen waar je goed in bent, maar laat de
andere nooit helemaal aan je lief over. Anders kun je niet inspringen
als je lief tijdelijk moet afhaken wegens ziekte, reizen, overbelasting
of andere omstandigheden. Je dreigt bovendien wereldvreemd te worden als
je nooit boodschappen doet of nooit paperassen invult. Op de duur weet
je niet meer hoeveel een brood kost, hoe je een ei bakt, hoe je een
belastingsformulier invult. Of je vergeet dat er verzekeringen of
ziekenkassen bestaan.
Ook de arbeid voor geld moet verdeeld worden. In principe maakt het niet
uit of de ene zich toelegt op alle huishoudelijk taken en de andere op
een beroep. Maar het is beter ieder de helft van het huishoudelijk werk
op je te nemen en ieder de helft van het werken voor geld. Daar zijn
goede redenen voor. Je wordt economisch ontrouw als je werkt voor geld:
je bevredigt vreemden om je door vreemden te laten bevredigen. Als je de
hele last van de economische ontrouw op de schouders van één persoon
laadt, treft die het paar sterker dan wanneer je de ontrouw verdeelt.
Dat wordt nog versterkt doordat je niet meer de hele tijd bij elkaar
bent. Als je beiden halftijds arbeidt, ben je elkaar slechts half zo
lang economisch ontrouw en mis je elkaar maar half zo lang.
Er is nog een andere reden om het werk voor geld te verdelen. Liefde of
bewondering door je consumenten of het publiek, het prestige dat je
geniet bij je concurrenten en de vriendschap van collega's zijn de
aangewezen compensatie voor de schade die arbeid voor derden toebrengt
aan de liefde. Wie zich uitsluitend toelegt op huishoudelijk werk kan
deze bron van geluk niet aanboren.
Hoe moet je het werk voor geld verdelen? Het spreekt vanzelf dat de
hoeveelheid geld die je verdient geen maatstaf kan zijn. In de regel
verdient de ene meer dan de andere. Wie meer verdient, zou minder moeten
werken om evenveel geld in te brengen. Wie zo redeneert, hevelt het
onrecht in de maatschappij over naar het gezin. Dat stuit geliefden
tegen de borst. Zij verdelen het werk volgens inspanning. Maatstaf is
het aantal uren werk, niet de hoeveelheid geld. Het is dus niet fair als
ieder er een gescheiden rekening op nahoudt, een gelijke bijdrage levert
aan het huishouden en de rest persoonlijk oppot.
Drijf deze regel niet door tot in het belachelijke. Als de ene
aanmerkelijk meer verdient dan de andere, kan hij beter meer werken. In
ruil daarvoor kan de andere meer huishoudelijk werk leveren. De totale
hoeveelheid tijd die je aan de liefde onttrekt, neemt dan af of de
consumptiemogelijkheden nemen toe. Laat met het extra geld sommige
huishoudelijk taken door vreemden uitvoeren, zodat de totale hoeveelheid
te verdelen werk vermindert. Een grensgeval is wanneer iemand over een
inkomen beschikt waar hij niet voor werkt: erfenissen, schenkingen van
de ouders, rentes, werklozensteun en dergelijke. Hij kan zijn talenten
vrijwillig ten dienste stellen van de maatschappij. Doet hij dat niet,
dan stelt zijn inkomen hem nog niet vrij van huishoudelijke arbeid.
Waarom zou hij niets hoeven te doen en zijn lief alles? Ook als je van
een dergelijk inkomen geniet, gaat je geld in de gemeenschappelijke pot.
Hoe groot het inkomen ook is dat je op die manier in het laatje brengt,
je zult toch je halve aandeel in het huishoudelijke werk moeten doen. Is
dit inkomen zo royaal dat je geen van beide uit werken moet, zet je dan
belangeloos in voor projecten waar de maatschappij geen geld voor
betaalt. Zo los je je schuld af tegenover minder fortuinlijken.
OVER DE VERDELING VAN HET INKOMEN
Liefste minnaars,
Gelijke verdeling van de lasten betekent gelijke verdeling van de
lusten. Nu zijn er twee soorten lusten. De leukste zijn die waar allen
plezier aan beleven: de geluidsinstallatie, de televisie, de auto.
Andere producten plezieren alleen een enkeling: dat is het geval met
kleding, een eigen kamer, een nieuwe fiets. Maar als allen gelijk aan
hun trekken komen, dragen ook individuele lusten bij tot het
gemeenschappelijk geluk: het hele gezin geniet als iedereen mooie kleren
heeft of een nieuwe fiets.
Zoals je bij de verdeling van het werk niet rekent in geld, maar in
uren, zo reken je bij de verdeling van het inkomen niet in centen, maar
in bevredigingswaarde: verdeel het inkomen zo dat iedereen tevreden is.
Kleine kinderen eten minder dan volwassenen; hun aandeel in het inkomen
is dus kleiner, maar ze beleven er evenveel genoegen aan. Tieners eten
dan weer meer voor hetzelfde plezier. Een kind kan gelukkiger zijn met
een ballon, weet zeepsop om bellen te blazen of een nieuwe lamp op de
fiets, dan met dure cadeaus.
In principe heeft een gelukkig paar geen 'persoonlijke uitgaven'. Echte
geliefden hebben dezelfde interesses. Problemen ontstaan door diverse
voorkeuren en hobby's: zo kan een wanverhouding ontstaan als de hobby
van de ene duurder is dan die van de andere. Streef ook hier naar een
gelijke bevredigingswaarde.
Naast consumptieve uitgaven zijn er ook productieve: uitgaven die nodig
zijn om te kunnen werken of om te kunnen studeren. Voor het huishouden
zijn dat een keuken, een (af)wasmachine, een stofzuiger, werkruimte en
dies meer. Voor het beroep zijn dat kleren, werktuigen, computers,
studieboeken, vervoer en dergelijke. Al wie productiemiddelen nodig
heeft, kan daar zonder meer aanspraak op maken, hoeveel ze ook kosten en
los van de vraag of iemand anders er ook nodig heeft. Men moet
natuurlijk rekening houden met de financiële draagkracht van het gezin.
Het is een goede gewoonte om af en toe de stand van zaken op te maken en
te controleren of iedereen een gelijke bijdrage levert aan het
gemeenschappelijke welzijn en of iedereen aan zijn trekken komt. Velen
blijven liever blind voor dergelijke platvloerse aangelegenheden. Voor
zover ze er aandacht aan besteden, vergelijken ze vaak appelen met
citroenen. Vaak maakt de grootste verdiener aanspraak op grotere
voorrechten, al werkt hij minder. Vaak worden consumptieve uitgaven
gelijkgesteld met productieve: 'Als jij een vaatmachine wilt, dan wil ik
een surfplank.' Soms worden collectieve uitgaven verward met
persoonlijke: 'Jij krijgt een nieuwe televisie als ik een nieuwe broek
krijg.'
OVER SAMENWERKEN ALS JE WERKT VOOR GELD
Liefste minnaars,
Wie werkt voor geld vervreemdt van zijn lief. De meeste stervelingen
ontsnappen niet aan dat lot. Maar je kunt de pijn wel milderen.
Steun om te beginnen elkaar in de concurrentiestrijd met anderen of bij
moeilijkheden met collega's of meerderen. Wie zich geruggesteund weet,
gaat welgezind naar het werk en komt graag weer thuis. Zorg voor een
klimaat dat je lief tot schenken en scheppen aanzet. Dan ben je niet
alleen elkaars minnaars, maar ook nog de stimulerende man of
inspirerende muze.
Maak vervolgens van de nood een deugd. Werkvreugde slaat over op de
liefde. Als je goed werk hebt geleverd, kom je welgezind thuis. Reageer
je frustraties niet af in de huiskamer. Je afwezigheid wordt dan niet
als een pijnlijke breuk ervaren, maar als weldoende pauze, die de andere
toelaat even met zichzelf alleen te zijn. Ook prestige geeft de liefde
een nieuwe glans. Velen zoeken achter hun bewonderde producent de
inspirerende partner, aan wie ze bijzondere seksuele vermogens
toeschrijven. Niet alleen in de ogen van anderen stijg je in achting,
ook je gevoel van eigenwaarde neemt toe als je lief anderen beter
bevredigt dan de concurrenten.
De kloof wordt groter als je beiden totaal verschillend werk doet. Aan
die vervreemding ontsnappen lerarenechtparen, wetenschappers zoals het
echtpaar Curie, kunstenaarsechtparen zoals Robert Schumann en Clara
Wieck, Tingueley en Niki de St. Phalle, echtparen die samen in de
politiek staan zoals Rosa Luxemburg en Karl Liebknecht. Nog beter is
het paarsgewijze samen te werken. Voor deze mogelijkheid kiezen
middenstandersparen die samen in de winkel staan, of muzikantenechtparen
waarbij de ene de muziek schrijft die de andere uitvoert, zoals Bela en
Ditta Bartok of Olivier Messiaen en Yvonne Loriot. Maar hier dreigt het
gevaar dat de liefde door onderlinge naijver en wedijver vertroebeld
wordt. Het publiek, de baas of de medewerkers laten immers hun voorkeur
blijken en die is zelden gelijk verdeeld. Daarom verzetten velen zich
van meet af aan tegen dezelfde bezigheden. Gustav Mahler verwees Alma
naar de huiskamer. Je kunt de vergelijking niet uit de weg gaan door elk
een ander beroep te kiezen: de kans op ongelijke waardering wordt alleen
maar groter, want niet alle beroepen leveren hetzelfde prestige op.
Welke oplossing je ook kiest, steun elkaar in het werk, laat de vreugde
die je in je beroep vindt aanstekelijk zijn voor je liefde, en probeer
ook nog samen te zijn als je werkt. Dat heelt de wonde niet die geslagen
wordt doordat je moet werken, maar je bloedt er tenminste niet meer aan
dood.
OVER DE PLAATS WAAR JE WERKT
Liefste minnaars,
Je kunt thuis werken of buitenshuis. Dat heeft niets te maken met het
verschil tussen huishoudelijke arbeid en werken voor geld, al wordt het
beroep meestal buitenshuis verricht en huishoudelijk werk thuis. Je kunt
immers ook thuis voor geld bezig zijn: denk aan de bediende of de
ambtenaar die zijn werk mee naar huis brengt, of de middenstander die
thuis winkel houdt. Omgekeerd kun je huishoudelijk werk ook buitenshuis
verrichten: dat doe je wanneer je met de kinderen in de stad gaat
spelen, wanneer je de was doet in een wassalon, wanneer je boodschappen
doet. Je kunt dus samenwerken terwijl je ruimtelijk volstrekt gescheiden
bent en je kunt in dezelfde ruimte werken, maar je uitsloven voor
derden.
Geliefden willen zoveel mogelijk samen te zijn, niet alleen in de vrije
tijd, maar ook tijdens de werkuren. Doe dan ook zoveel mogelijk
huishoudelijke taken thuis, zo mogelijk in dezelfde ruimte. Dat je thuis
werkt, betekent nog niet dat je bij elkaar bent: je kunt je terugtrekken
in je eigen werk- of studeerkamer, atelier, keuken of tuin. Laat de
werk- en leefruimtes in elkaar overlopen of zorg voor de nodige
doorkijkjes. Beperk huishoudelijke taken zoals boodschappen doen of naar
de bank gaan tot een minimum en synchroniseer ze: het is onverstandig om
naar het warenhuis te hollen als je lief pas thuiskomt.
Werken voor geld doe je in de regel buitenshuis, maar je kunt werk
kiezen dat je thuis kunt doen. Al ben je thuis voor vreemden in de weer,
je aanwezigheid kan geruststellend zijn en tijdens de rustpauzen ben je
dadelijk present. In noodgevallen kun je sneller op elkaars noden of op
die van de kinderen inspelen. In het ideale geval werk je met zijn allen
in één grote woonkamer. Je kunt je ook tijdelijk terugtrekken in een
werkkamer of in een atelier als je bezigheid storend is voor anderen -
bij lawaaierig of vuil werk - of wanneer je bij je werk niet gestoord
wilt worden.
Wie niet bij zijn lief kan zijn, verzacht de pijn door contact in
gedachten of via foto's. Ben je lang van elkaar gescheiden, telefoneer
dan vaak met elkaar, luister naar de muziek waar je samen van houdt,
neem elkaars geuren mee of draag een kledingsstuk van je lief. Laat iets
achter als je vertrekt, geef iets mee als je thuisblijft. Breng een
verrassing mee als je thuiskomt of zet eten klaar voor wie uit werken
ging. Vertel bij het weerzien wat er is gebeurd op het werk en in het
huishouden. Neem afscheid als je weggaat en verwelkom elkaar als je
thuiskomt. Stuur je lief niet de wereld in met slechte herinneringen.
Zorg er vooral voor dat je geen problemen meesleurt als je thuiskomt.
©
Stefan
Beyst,
1997-98

reacties:
beyst.stefan@gmail.com
stefan beyst
is ook de auteur van:
de extasen van eros
 |
| |
| |
|